
De aanval van de VS en Israël op Iran van 28 februari 2026 startte een regionaal conflict met wereldwijde repercussies. Kort na het begin van de vijandelijkheden braken gewelddadige protesten uit in meerdere steden in Pakistan, wat leidde tot confrontaties met veiligheidstroepen en de dood van meerdere demonstranten. De impact zou nog intenser kunnen worden als de oorlog in het Midden-Oosten gedurende langere tijd aansleept, aangezien Pakistan door zijn wankele socio-economische situatie een van de meest kwetsbare landen is. De stijging van de olieprijzen ten gevolge van de oorlog zal de inflatie de hoogte injagen en de economische situatie van Pakistaanse huishoudens verslechteren, wat de onvrede zal aanwakkeren. Dit kan op zijn beurt radicalisering in de hand werken, waardoor het toch al ernstige terrorismeprobleem van Pakistan nog verergert en het land verder wordt gedestabiliseerd. De aanwezigheid op Pakistaans grondgebied van een grote sjiitische gemeenschap – die de neiging heeft om de kant van het Iraanse regime te kiezen – vergroot dit risico alleen maar. Op internationaal niveau wordt Pakistan door de oorlog in een moeilijke positie gewrongen. Hoewel het er geen baat bij heeft om meegesleurd te worden in het conflict, vergroten de aanwezigheid van sjiieten in het omstreden Kasjmir en hun gewelddadige protesten na het uitbreken van de vijandelijkheden in Iran het risico op spanningen – en mogelijk ook op een conflict met India. Bovendien heeft Pakistan een wederzijds defensiepact afgesloten met Saoedi-Arabië en kunnen Iraanse aanvallen op dit land Pakistan dwingen om in te grijpen. Hoewel het op dit moment onwaarschijnlijk lijkt, maakt dit kluwen een uitbreiding van het conflict waarschijnlijker, een scenario dat niet zomaar onder de mat geveegd mag worden en een aanzienlijke regionale impact kan hebben.
e-Note 91 downloaden(Alleen beschikbaar in het Engels)
Onderzoekslijnen: Indo-Pacifische regio ; Niet-Arabische moslimwereld ; Midden-Oosten en Noord-Afrika
Bron afbeelding: © Badshahi moskee in Lahore van Fassifarooq via Wikimedia Commons (CC BY-SA 4.0).
