Xavier BARA

Onderzoeker van het Studiecentrum voor Veiligheid en Defensie

Terug

Biografie

Cavalerie en stafofficier, geopolitieke wetenschapper, geschiedkundige.
Eerste luitenant Xavier Bara begon zijn actieve dienst in het Belgische leger in 1994, in de geest van “voor vorst en vaderland”. Hij alterneerde de verschillende statussen “beroepsmilitair” (voltijdse dienst), “beschikbare reservist” en sinds 2019 opnieuw “beroepsmilitair”. Hij werd geaffecteerd bij de Jagers te Paard (lichte cavalerie verkenningseenheid), een korps dat hem nauw aan het hart ligt. In 1998 deed hij ervaring op in het Trainingscentrum voor Commando’s. Na jaren te hebben gediend binnen de manschappen, werd hij als officier aangesteld in de gepantserde cavalerie. In 2009 werd hij ingedeeld bij het 2/4 regiment Jagers te Paard en in 2011 bij het bataljon Jagers te Paard/ISTAR (Intelligence – Surveillance – Target Acquisition – Reconnaissance). Zijn vaardigheden als stafofficier ontwikkelde hij voornamelijk in Branch 2/intelligence analysis en als assistent-stafofficier Operaties & Training (AS3) in het ISTAR-bataljon, eskadron Staf en Diensten, in 2019-2020. In 2022 behaalde hij een certificaat van “Raadgever in het Recht van de Gewapende Conflicten” aan het Defensiecollege. Als instructeur aan de Koninklijke School voor Onderofficieren van 2021 tot midden 2023, onderwees eerste luitenant Bara “militaire organisatie” en “recht van de gewapende conflicten” en vormde hij toekomstige militaire instructeurs. Sinds juli 2023 werkt hij als onderzoeker aan het Studiecentrum voor Veiligheid en Defensie (SCVD), waar hij verantwoordelijk is voor de onderzoekslijn “Indo-Pacifische regio”.

Eerste luitenant Bara behaalde zijn diploma’s aan de universiteit van Luik en van Osaka (Japan). Daarnaast is hij in het bezit van een doctoraat in de internationale politiek. Tussen 2003 en 2012 verbleef hij in Japan, waar hij als onderzoeker aan de slag ging aan de Osaka School of International Public Policy (OSIPP) en deelnam aan activiteiten met het Japanse ministerie van Defensie en verschillende denktanks die zich bezighouden met geostrategie, veiligheid en defensiebeleid of militaire aangelegenheden.

Als geschiedkundige voerde hij onderzoek naar de militaire uitkomst van de Industriële Revolutie in 1844-1866, met name naar de casestudy’s over de rivaliteit tussen Oostenrijk en Pruisen in Duitsland en Italië alsook naar de westerse invloed op de modernisering van de laatste Japanse shogunale (Bakumatsu) legers en de eerste keizerlijke legers volgens het Nederlands-Pruisische model.